"We hebben nood aan meer ‘first dancers’." Vijf organisaties delen hun lessen over inclusie
“We zijn er nog lang niet, maar we zijn wel vertrokken.” Dat gevoel overheerste begin februari aan het einde van het groeilabo Peers4Change in Antwerpen, onder begeleiding van Hefboom en Binario binnen het project HRwijs Inclusief. ZAS, UPC Duffel, LIGO Antwerpen, OLO-Rotonde en Solidaris blikten er terug op een traject waarin denken en doen elkaar afwisselden. Door ervaringen te delen en elkaars praktijk te bevragen, groeide niet alleen het inzicht, maar ook het vertrouwen om verder te gaan. Hun lessen bieden inspiratie voor organisaties die willen bewegen, ook zonder perfect plan.
Eerst uitzoomen om richting te vinden
Een eerste gedeelde les is het belang van vertragen. Niet meteen actieplannen opstellen, maar eerst stilstaan bij wat er al leeft in de organisatie. Door vanuit een helikopterperspectief te kijken, werd duidelijk welke initiatieven er al waren, waar blinde vlekken zaten en welke vragen nog onvoldoende benoemd werden.
Dat uitzoomen maakte ook duidelijk hoe breed het thema is. Diversiteit en inclusie raken aan beleid, communicatie, leiderschap, werkvloerpraktijken en organisatiecultuur. Die complexiteit erkennen, zorgde paradoxaal genoeg voor meer focus.
Klein beginnen, maar bewust
Alle organisaties benadrukten dat werken aan inclusie vraagt om stappen zetten buiten de comfortzone. Tegelijk hoeft dat niet groots of perfect te zijn. Integendeel: kleine, haalbare acties blijken vaak het meest duurzaam.
Of het nu gaat om inclusiever communiceren, bestaande good practices zichtbaar maken of een eerste bevraging bij medewerkers: kleine stappen maken het thema tastbaar en verlagen de drempel om mee te doen. Elke stap, hoe beperkt ook, wordt zo een hefboom voor verdere beweging.
Inclusie lukt alleen als je het samen draagt
Een derde belangrijke les was het belang van gedeeld eigenaarschap. Inclusie kan niet rusten op de schouders van één geëngageerde medewerker of één werkgroep. Organisaties gaven aan hoe waardevol het is om ambassadeurs of ‘first dancers’ te hebben die het thema zichtbaar en bespreekbaar maken.
Daarbij kwam ook de vraag naar diversiteit binnen die trekkersgroep zelf naar voren. Hoe meer perspectieven aan tafel, hoe groter de kans op herkenning bij collega’s en hoe sterker het draagvlak groeit.

Veranker wat er al is
In plaats van diversiteit en inclusie als een losstaand thema te behandelen, kozen meerdere organisaties ervoor om aan te sluiten bij bestaande structuren: vormingen, communicatie, beleid, gedragscodes of HR-processen. Dat vergroot de kans op duurzame impact en voorkomt dat inclusie een tijdelijk project blijft.
Door het thema te koppelen aan wat al leeft in de organisatie, wordt het herkenbaar en relevant voor meer medewerkers.
Aanvaarden dat inclusie nooit ‘af’ is
Tot slot was er veel realisme. Geen enkele organisatie presenteerde zich als ‘klaar’. Integendeel: twijfel, zoeken en bijsturen werden open gedeeld.
De kracht zit niet in het hebben van alle antwoorden, maar in het blijven stellen van de juiste vragen en het creëren van een open cultuur waarin gesprek mogelijk is.
Samen leren maakt het verschil
Wat deze vijf organisaties verbindt, is dat ze hun zoektocht niet alleen aangingen. Het groeilabo Peers4Change bood een veilige leeromgeving waarin deelnemers hun ervaringen konden spiegelen aan die van anderen.
In deze praktijkverhalen werd duidelijk dat inclusie groeit door uitwisseling, herkenning en samen leren. Voor organisaties die willen groeien richting een inclusieve werkvloer, maar zoeken naar richting, houvast of medestanders, biedt het groeilabo Peers4Change een inspirerend en ondersteunend traject om die volgende stappen te zetten.



